Wormen

Al zo lang er paarden zijn, zijn er wormen die bij het paard horen. Hoe jonger het paard, hoe lager de weerstand van het dier tegen een wormbesmetting. Door het opdoen van een wormbesmetting ontwikkelt het paard een zekere mate van immuniteit. Dit is een natuurlijk en gunstig proces, dat ervoor zorgt dat de meeste oudere paarden niet meer met de regelmaat van de klok ontwormd hoeven worden.

Sinds 2008 zijn wormpreparaten niet meer vrij, maar uitsluitend op recept verkrijgbaar bij de dierenarts of apotheek. Deze maatregel is genomen vanwege een toenemende mate van resistentie van wormen tegen de beschikbare middelen, terwijl er de komende jaren geen nieuwe middelen meer op de markt komen. Het gezegde ‘baat het niet dan schaadt het niet’ gaat niet op voor het gebruik van wormmiddelen. Het standaard (twee) maandelijks ontwormen van paarden is niet meer van deze tijd. Het doen van mestonderzoek en het toepassen van een goed hygiënebeleid wel. Paarden worden voortaan niet meer onnodig ontwormd en ook het ontstaan van resistentie wordt vertraagd.

Als eigenaar kunt u het paard helpen om de wormbesmetting gecontroleerd te laten verlopen door het toepassen van een goed stal- en weidemanagement en het laten doen van mestonderzoek.  Mestonderzoek op basis van individuele  of samengestelde monsters geeft een goed beeld van de wormbesmetting en of er ontwormd moet worden. Daarnaast kan ook gecontroleerd worden of een behandeling goed gewerkt heeft, of dat er misschien sprake is van resistentie tegen het wormmiddel.